Old Shatterhand en de paspoorten


door De Ambtenaar 1


In de beroemde boeken van Karl May las ik vroeger met rode oren over de stammenoorlogen van de Indianen, waaraan dan meestal slechte blanken en één goede, Old Shatterhand, deelnamen. Het goede in de Indiaan en die ene blanke overwon altijd. Ik geloofde er helemaal in, moet ik na zoveel jaar toegeven.
Waarom ik deze diepe duik in mijn geschiedenis neem? Dat komt eigenlijk door de paspoorten. U weet dat ons paspoort het eenvoudigst na te maken papiertje ter wereld is en dat dat dus ook op ruime schaal gebeurd. Nu was er eens een regering, die bedacht dat er een nieuw, niet na te maken paspoort moest komen. En wat doen regeringen dan? Juist, die geven een opdracht aan een ambtelijke werkgroep om zo’n zaakje zo geruisloos mogelijk voor te bereiden en vervolgens panklaar voor de regering op te dienen. Ook in dit geval werd er een werkgroep samengesteld, die bestond uit ambtenaren van de ministeries van binnenlandse en van buitenlandse zaken. U begrijpt nu wel, waarom ik deze bijdrage begon met Karl May. Een regering die zoń moeilijke zaak toevertrouwt aan een ‘ambtelijke werkgroep’ loopt de niet geringe kans dat er twisten uitbreken. Stammenoorlogen zou Karl May geschreven hebben. In de ambtelijke wereld spreek je evenwel van ‘stammentwisten’.
Hoe gaat dat dan in zijn werk, zult u vragen, want wat is er eenvoudiger dan een regeling te maken, waarbij de gemeenten paspoorten afgeven, die niet, of bijna niet, kunnen worden nagemaakt. In het ambtelijke dieventaaltje spreekt men dan van ‘fraudebestendig’. Maar zó eenvoudig is het natuurlijk niet allemaal. Het ministerie van binnenlandse zaken heeft met BINNENLANDSE zaken te maken en het ministerie van buitenlandse zaken met HET BUITENLAND. De ambtenaren van binnenlandse zaken komen nooit in het buitenland en de ambtenaren van buitenlandse zaken nooit in het binnenland. Daar kunt u als lezer nou wel om lachen, maar ik verzeker u dat er niets te lachen valt. Stelt u zich voor dat die ambtenaren bij elkaar zitten om te beraadslagen over zo’n eenvoudig ding als een paspoort. Wat denkt u dat er gebeurt? Toch niet van: dat maken we even, welnee. Eerst wordt besproken wie er voorzitter van de werkgroep moet worden. Dat maakt heel wat uit. Wordt de voorzitter een ‘buitenlander’ of een ‘binnenlander’? Daarmee hangt samen de vraag: wie neemt het ‘voortouw’ .
Ach, u weet niet wat het ‘voortouw’ is? Tja, dat is moeilijk uit te leggen. Als een ambtenaar zegt dat en dat ministerie neemt het ‘voortouw’, weet hij al voor de helft dat het fout zal gaan en dat hij zelf misschien aan het kortste eind trekt. Met andere woorden hij en zijn ministeriële kornuiten zetten zich schrap. Nou, bij die paspoortenstammentwist liep het allemaal fout, want wat het binnenland wilde daar zei het buitenland nee tegen en omgekeerd. Want, luister eens, niet alleen ging het om de keuze wie het papier zou maken en hoe het er uit zou zien, maar ook braken er gevechten uit over de vraag: wie mocht het paspoort aan de burgers uitreiken. Het BUITENLAND of het BINNENLAND. Zo’ stammentwist verloopt net zoals die vroegere Indianenoorlogen: staatssecretarissen en hun helpers/sters sluipen om bedrijven en politieke partijen heen. Een enkele maal wordt er een vergiftigde pijl afgeschoten, die doel raakt en een van de tegenstanders is dan afgeschoten. Daarna ontdekt de handlanger van de buitenlandse partij een zwak plekje in de verdedigingslinie van de partij van het binnenland en pats er ligt een brief bij de volksvertegenwoordiging, waarvan het binnenland niets weet. Het is een fascinerend gevecht waarbij je als ambtenaar-buitenstaander, niettemin als mede-ambtenaar, met het klamme zweet in de handen toekijkt. Wie wint deze stammentwist? De uitslag kan bepalend zijn voor de toekomst. Wint jou staatssecretaris met zijn troepen of de tegenpartij? Een enkele keer blijft het gevecht onbeslist. Een aantal dappere ambtenaren-strijders knokken zich, gehavend weliswaar maar niet geheel verslagen terug. Niemand heeft gewonnen. Zoals bij het paspoort bijvoorbeeld. Er komt dus geen paspoort zoals ieder denkend mens wenst dat er moet zijn: bijna niet na te maken, goedkoop, op het gemeentehuis af te halen, allemaal heel eenvoudig. Fluitje van een cent. Had u gedacht! Wat denkt u wel van twistende ambtenaren? Die doen dat voor uw en mijn bestwil. En dat kost geld, zoals we weten. Dáár komt dus het woord stammenoorlog vandaan.


[1]In: Trouw, 8 maart 1988.



Terug naar de Nederlandstalige bibliografie.

Terug naar de Karl May-startpagina.

Terug naar de Apriana-startpagina.