Lothar Schmid als Winnetou

door H. Kramer 1


De negentiende Schaakolympiade behoort weer tot de geschiedenis. Het wordt het grootste schaaktoernooi genoemd, dat tot dusver is gehouden. Er namen ongeveer driehonderd spelers aan deel. De organisatoren beschikten over tweehonderd vrijwilligers, maar niettemin heeft dit evenement 870.000 Duitse marken gekost. Van de meer dan tweeduizend partijen, die in Siegen werden gespeeld, werd de schoonheidsprijs, voor wat de voorwedstrijden betreft, toegekend aan de Duitse grootmeester Lothar Schmid, en wel voor zijn hieronder weergegeven partij tegen de Oostenrijker Kinzel.

De nu 42-jarige Lothar Schmid is in de schaakwereld om verschillende redenen bekend geworden. Hij is internationaal grootmeester, niet alleen voor wat betreft het normale wedstrijdspel, maar bovendien wat betreft het correspondentieschaak. Er is niemand ter wereld, die meer schaakboeken bezit dan hij: zijn verzameling telt meer dan 10.000 nummers. Zijn liefde voor boeken is hem overigens met de paplepel ingegeven. Zijn familie is namelijk rijk geworden door de uitgave van de beroemde Karl May-boeken en hij doet momenteel niet veel anders dan de traditie voortzetten. Het is niet onmogelijk dat hij zich in onderstaande partij inleefde in de rollen van Winnetou en Old Shatterhand en dat de zegetocht van het witte paard in deze partij bij hem herinneringen opriep aan de beroemde hengst Hatatitla 2.

Wit: L. Schmid. Zwart: Kinzel. (Siegen 1970). Russische verdediging.

1. e2—e4, e7—es; 2. Pg1—f3, Pg8—f6; 3. d2—d4, e5xd4; 4. e4—e5, Pf6—e4; 5. Dd1xd4, d7—d5; 6. E5xd6 e.p., Pe4xd6; 7. Lc1—f4!?

(Komt in de theorieboeken nauwelijks voor. Maar de gebruikelijke voortzetting 7. Pc3 levert weinig op).

7. …., Pb8—c6; 8. Dd4—d2, Dd8—e7†; 9. Lf1—e2, Pd6—e4; 10. Dd2—e3, Pc6—b4; 11. De3—c1

(Noodzakelijk, want na 11. Pa 3, Pd5. 12. Dc1, Pec3! 13. bxc3, Pxc3. 14. De3, Dxe3. 15. Lxe3, Lxa3 staat zwart practisch gewonnen).

11. …, De7—c5; 12. 0—0!, Pb4xc2

(Op 12. …, Dxc2 is behalve 13. Pa3!? ook 13. Dxc2, Pxc2. 14. Ld3, Pxa1. 15. Lxe4 mogelijk, want het paard kan niet van a1 ontsnappen).

13. Pb1—c3

(Komt tenslotte neer op een kansrijk pionoffer).

13. …, Pe4xc3; 14. Dc1xc2, Pc3xe2† 15. Dc2xe2†, Dc5—e7

(Op 15. …, Le7 volgt natuurlijk 16. Tc1 in verbinding met 16. Txc7).

16. De2—c2, Lc8—e6; 17. Tf1—e1, De7—c5; 18. Dc2—e4, LfB—d6; 19. Ta1—c1, Dc5—b4; 20. Pf3—d4

(Wit blijft consequent op directe koningsaanval spelen).

20. …, o—o—o (Na 20. …, o—o kan wit door 21. Pxe6, Dxe4. 22. Txe4, fxe6. 23. Lxd6, cxd6. 24. Txe6 een zeer gunstig toreneindspel afdwingen).

21. Lf4xd6, Db4xd6

(Na 21. …, Txd6 staat de zwarte dame op een verloren post. Er volgt namelijk 22. Txe7†!, Kxc7. 23. Pxe6†, of 22. …, Kb8. 23. Pc6†).

22. Pd4—b5, Dd6—b6; 23. Tc1xc7†, Kc8—b8

(Wit heeft de pion heroverd, maar hoe moet hij nu zijn aanval voortzetten? Lothar Schmid lost het probleem schitterend op).

24. Tc7xb7†!, Db6xb7; 25. De4—e5†, Kb8—a8; 26. Pb5—c7†, Ka8—b8; 27. Pc7—a6†

(Even herhaling van zetten om tijd te winnen).

27. …, Kb8—c8

(Of: 27. …, Ka8. 28. Pc7†, Kb8. 29. Pxe6†, Ka8. 30. Pxd8, Txd8. 31. Dxg7 en het materiële overwicht is zonder meer beslissend).

28. Te1—c1†, Kc8—d7; 29. Pa6—c5†

Zwart gaf het op, want na 29. …, Kc8 kan wit eerst nog met 30. Pxe6†, Kd7. 31. Pc5† eventjes de loper winnen, alvorens de dame van het bord te nemen.

[…]


[1]In: Leeuwarder Courant : hoofdblad van Friesland, 20 november 1970.
Haije Kramer (* 24 november 1917 , † 11 juli 2004) was een Nederlandse schaker – meester vanaf 1954, grootmeester vanaf 1990 –, die zestig jaar lang de schaakrubriek in de Leeuwarder Courant verzorgde.
[2]Leuk gevonden, maar Hatatitla was zwart!
En als we afgaan op de titel („Lothar Schmid als Winnetou”), zou Lothar Schmid eerder aan Iltschi, Winnetou’s paard, dan aan Hatatitla, Old Shatterhands paard, hebben moeten denken …



Terug naar de Nederlandstalige bibliografie.

Terug naar de Karl May-startpagina.

Terug naar de Apriana-startpagina.