Een fabrikant van „Schund”-literatuur

anoniem 1


Bij een proces voor de rechtbank te Charlottenburg is den schrijver van vele fantastische avonturier-romans, Karl May, de huig gelicht.
De schrijver had een klacht ingediend tegen iemand die hem in een brief een „geboren misdadiger” had genoemd, en de tegenpartij nam op zich het bewijs te leveren. Uit door de gescheiden vrouw van May verschafte gegevens bleek, dat de klager herhaaldelijk in de gevangenis had gezeten. Als hoogere burger was hij in een vacantie thuis gekomen met een meerschuimen pijp en een horloge voor zijn vader, welke geschenken hij van zijn hospita gestolen had. Zes weken gevangenisstraf konden hem niet genezen. Nauwelijks was hij ontslagen, of hij brak in in een horlogewinkel. ’t Kwam hem op vier jaar tuchthuisstraf te staan. Wegens nieuwe diefstallen vervolgd, nam hij de wijk in het ertsgebergte, waa rhij met een gedrosten soldaten van roof en leefde, zich verbergend in een spelonk. De bewoners der omliggende dorpen, die bij ’t ter markt gaan telkens overvallen werden, verzochten militaire hulp. Een patrouille kwam, omsingelde de bosschen, doch slaagde er niet in het roovershol te ontdekken. May had zijn kameraad de handen bij elkaar gebonden, zichzelf als gevangenbewaarder verkleed, en was zoo door het militaire cordon ontsnapt. Bij een andere gelegenheid ontkwam het tweetal door uit de ramen van een herberg te springen en zich te werpen op de paarden der tot hun arrestatie binnengedrongen gendarmen. Maar is later naar Milaan gevlucht, doch gegrepen en opnieuw vier jaar opgesloten. Na zijn ontslag kwam hij op den inval zijn avonturen in romans e beschrijven. Hij had er succes mee. Schreef tegelijk sensatie-romans en vrome, katholieke lectuur.
Bij het geding erkende de in ’t nauw gebrachte, een bejaard man al, in de gevangenis gezeten te hebben, doch de bijzonderhedenwaren gelogen.
De beklaagde werd vrijgesproken.


[1]In: Algemeen Handelsblad, 13/04/1910.



Terug naar de Nederlandstalige bibliografie.

Terug naar de startpagina.